Auteur: Jacob Nuesink

Zhaga book 18 demo

Op de LED Professional conferentie in Bregenz maakten we een Zhaga book 18 demo film. Op verzoek van armaturenregister heeft Dee Denteneer, de Secretary General van Zhaga de werking en mogelijkheden van book 18 gedemonstreerd. We maakten een video waarin ook een aantal andere onderwerpen aan bod kwamen. Zo hebben we gesproken over het nieuwe book 19 en het wat oudere book 13.

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat het ook daadwerkelijk gaat werken? Het maken van een specificatie is natuurlijk één ding maar we hoe zorgen we ervoor dat het werkt? De materie is complex, dat wil zeggen de constructie en het protocol moeten juist ontworpen zijn om het geheel te laten werken. Daar is natuurlijk ook over nagedacht.

Wat komt er aan bod in de Zhaga book 18 demo?

De Zhaga connector komt aan bod die gespecificeerd is in book 18. Verder komt de driver aan bod die gespecificeerd is in book 13. Ook is er een introductie van de nieuwe IP dichte ledmodule volgens book 19. Alle hebben hun toepassing in Openbare verlichting. Het protocol zoals gespecificeerd in de DiiA (Digital Illuminaition Interface Alliance ofwel DALI) maakt het geheel compleet tot een werkzame propositie.

Veel plezier bij het bekijken van deze Zhaga book 18 demo.

Voorbeeld Zhaga book 18;

Zhaga connector, zhaga book 18 demo video

Eerdere artikelen gerelateerd aan dit artikel:

De Zhaga connector, de nieuwe “standaard” voor connectivity.

Zhaga D4I

Meer informatie is ook te vinden op de website van het Zhaga Consortium.

En hier een link naar informatie specifiek over book 18.

Gepubliceerde logo’s zijn eigendom van Zhaga respectievelijk DiiA.

#armaturenregister #openbareverlichting #straatverlichting #verlichting #zhaga #D4I

Het effect van harmonische vervorming op ons net

Het effect van harmonische vervorming op ons net; Power Quality deel 3.

In deel 3 van onze serie over Power Quality gaan we in op het effect van harmonische vervorming op ons net. In deel 2 hebben we gezien wat de effecten zijn van harmonische vervorming op de arbeidsfactor ofwel de powerfactor. Dat was minimaal. Een hoge harmonische vervorming heeft echter wel een groot effect op ons net. Om dat beter te begrijpen moeten we even iets verder kijken dan het toestel.

3 fasen spanning en het effect van harmonische vervorming op ons net

Ons elektriciteitsnet is een drie fasen net. Dat wil zeggen we maken in Nederland gebruik van een drie fasen net maar onze armaturen sluiten we op 1 fase aan. Het elektriciteitsnet moet gebalanceerd gebruikt worden. Dat is niet altijd even eenvoudig. Op onze grote netten geldt echter de wet van de grote getallen en als we de installatie goed verdeeld aanleggen dan worden de fasen vanzelf gebalanceerd belast. Natuurlijk geld dat grote fabrieken etc daar wel voor moeten zorgen maar in relatief kleine installaties kunnen we dat niet.

Iedere huis installatie wordt aangesloten op 1 fase (meestal komen alle 3 wel binnen maar wordt er slechts 1 gebruikt. Het huis naast het eerste huis wordt dan op de volgende fase aangesloten en die daarna weer op de volgende en dan beginnen we weer bij de eerste. Dat geldt ook voor onze lichtmasten. Die worden ook om de beurt op een andere fase aangesloten en daarmee ontstaat een gebalanceerd net. In onderstaande plaatje wordt dit weergegeven.

Lichtmasten op 3 fasen

Wat heeft dat te maken met het effect van harmonischen op ons net? In een perfect systeem waar de stromen alle onvervormd zijn en het net netjes is uitgebalanceerd is de stroom die uiteindelijk in de nul geleider loopt 0. De stromen lopen in dat geval van fase naar fase. De nul is enkel de verbindende factor tussen de armaturen.

De wet van Kirchhof

De wet van Kirchhof leert dat de stromen in een knooppunt bij elkaar opgeteld altijd 0 zijn. Voor de 50 Hz stroom betekend dat dus dat wanneer de stroom in de ene fase 100% is ze in beide andere fasen 50% zijn en de som is dan nul. In de nul geleider loopt dan geen stroom. De armaturen zijn uiteindelijk in ster geschakeld zoals we in het vorige figuur zagen. Dat ziet er dan schematisch als volgt uit.

3 fasen schakeling in ster

De wet van kirchof leert dan dat de stromen I1 + I2 + I3 + I4 opgeteld 0 moeten zijn. In onderstaande figuur zien we de fasestromen op een willekeurig moment en we zien dan dat de stromen I1 + I2 + I3 bij elkaar opgeteld reeds 0 zijn. In de nulgeleider loopt dan dus geen stroom. In het voorbeeld is dat I1 + I2 + I3 + I4 = 0,5 + 0,5 + -1+ 0 = 0.

Gebalanceerde momentane stroom is 0

De stromen van de oneven harmonischen (3, 5, 7 etc) tellen zich echter op. De optelling tussen de fasen is daardoor niet nul. Die stromen worden dan afgevoerd via de nul geleider. Zie hieronder het figuur van een sterk vervormde stroom. De lijn is weer getrokken op een willekeurig moment en daar zien we direct dat de optelling van de stromen door de fasen niet 0 is. Het resultaat van de optelling wordt dan afgevoerd via de nulgeleider. In het voorbeeld kunnen we ongeveer stellen dat I1 + I2 + I3 + I4 = 1,2 + 1,2 + -1,2+ I4 = 0. Daaruit volgt dat I4 is -1,2!! Die stroom loopt dus in de nulgeleider. Het effect van de harmonische vervorming op ons net is daarmee dat de stromen gaan lopen in de nulgeleider en er een potentieel voor overbelasting ontstaat.

Effecten van harmonische vervorming op ons net

Het resultaat in een openbaarverlichtingssyteem.

In onderstaande plaatjes zien we een sterk vervormde 3 fasen stroom. In iedere fase hebben we dezelfde vervorming aangebracht. Dat zal in de praktijk in een openbare verlichtingsinstallatie ook heel normaal zijn. We gebruiken tenslotte in een installatie steeds hetzelfde armatuur. In het eerste plaatje zien we de spanningen en in het tweede plaatje de stromen. Je ziet dat de stromen netjes in fase zijn met de respectievelijke spanningen. Dat betekend meteen dat de displacement factor 1 is (zie ook het deel 1 uit deze reeks).

Invloed van harmonische vervorming op ons net

In het onderstaande plaatje zie je dan wat de resulterende stroom is in de nul geleider van de boven zichtbare stromen. Hier zie je dan het effect van de harmonische vervorming op ons net. Een gek signaal? Nee het zijn de oneven harmonischen opgeteld en dat levert dus een andere stroom dan de normale 50 Hz stroom.

Invloed van harmonische vervorming op ons net

Conclusie over het effect van harmonische vervorming op ons net.

De resulterende stroom bij de maximaal toegestane harmonische vervorming volgens de huidige wetgeving levert dan een stroom op die bijna gelijk is aan de stroom die in de fasen loopt. Dat wil dus zeggen als de harmonische vervorming binnen de wettelijke eist ligt kan geen overbelasting van de nul geleider ontstaan. Namelijk een standaard installatie wordt bedraad met gelijke ader doorsnedes voor de Nul en de Fase. Dat wil zeggen normaliter 2,5 mm2. De stroom door de nul mag dus nooit hoger worden dan de stroom door de fasen en dat hebben we bereikt met de limitatie van de harmonischen.

Maar wat als we nu een vervorming hebben en een fase verschuiving? Dat lees je in het volgende deel.

Dit artikel is onderdeel van het complete verhaal over power quality. In een korte serie van artikelen ga ik in op alle factoren die de zogenaamde power quality bepalen. We hebben het dan over power factor / arbeidsfactor, cosinus φ / fase verschuiving en harmonische vervorming. Wat is het allemaal en welke relaties heeft het met elkaar. Welke invloeden hebben deze factoren op onze netten. Aanleiding is dat in de nieuwe later dit jaar uit te komen “one lighting regulation” de wettelijke regels worden aangepast.

Deel 1 van de reeks gaat over De cosinus φ (cos φ), fase verschuiving, displacement factor.

Deel 2 van de reeks gaat over Harmonische vervorming, THD, Distortion factor.

Harmonische vervorming

Harmonische vervorming, THD, Distortion factor; Power Quality deel 2.

Harmonische vervorming, THD, Distortion factor, wat zijn dat voor een factoren. Hoe wat voor een invloed hebben die? Wat is het allemaal en welke relaties heeft het met elkaar. Welke invloeden hebben deze factoren op onze netten. Aanleiding is dat in de nieuwe later dit jaar uit te komen “one lighting regulation” de wettelijke regels worden aangepast. In dit deel dus de harmonische vervorming.

Harmonische vervorming

In deel 1 hebben we fase verschuiving uitgelegd, ofwel de cosinus φ of wel displacement factor. Naast dat fenomeen kennen we ook de vervorming. Wat is nu precies vervorming en waardoor ontstaat dat. In onderstaande figuur zien we weer even hoe een zuiver sinusvormige spanning en stroom eruitziet.

Ohmse belasting, cosinus φ / displacement factor = 1
Ohmse belasting, cosinus φ / displacement factor = 1

Vervorming ontstaat doordat de stroom die wordt opgenomen door een toestel niet de sinusvorm van de spanning meer volgt. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het gedrag van elektronica. Je hoeft namelijk alleen stroom op te nemen als het nodig is en zoveel als nodig is. Joseph Fourier, heeft aangetoond dat elke wiskundige functie geschreven kan worden als een som van sinussen. We spreken van een hogere harmonische wanneer deze een frequentie heeft die een veelvoud is van de grondgolf. Bij onze netspanning van 50 Hz (grondgolf) heeft de 2e harmonische een frequentie van 2 x 50 = 100 Hz, de 3e  harmonische 3 x 50 = 150 Hz, enz.

Hieronder zien we in de figuur een sterk vervormde stroom. Let op de fase verschuiving in deze figuur is 0 (ofwel de displacement factor = cosinus φ = 1)

Harmonische vervorming, THD, Distortion factor

THD

Laten we dit signaal verder gaan analyseren. Eerst een Fourier analyse doen en dan komen we op het volgende plaatje. Op de horizontale as zien we de harmonischen. 1 staat voor de grondgolf ofwel de 50 Hz, de 2 voor de tweede harmonische ofwel de 100 Hz etc. Op de verticale as de stroom in procenten van de grondgolf. De grondgolf is dan natuurlijk ook 100 %.

Harmonische vervorming, THD, Distortion factor

Hier zien we dat de stroom derde harmonische (150 Hz) bijna 30% bedraagt van de grondgolf stroom. Het signaal wat we hier hebben afgebeeld is afgestemd op de maximaal toegestane harmonische vervorming. Dat wil zeggen voor verlichtingstoestellen met een vermogen boven de 25 W. Zoals je ziet een flinke vervorming is toelaatbaar. Als we dan de totale harmonische vervorming (THD) uitrekenen;

THD = √ ((I2² + …. In²) / I1²)

Waarin;
THD => Total harmonic distortion
I2…n => stroom van de nde harmonische
I1 => Stroom van de grondgolf (50 Hz)

Als we dat van het afgebeelde signaal uitrekenen komen we op 33,5 % uit.

Distortion factor

Met dit getal kunnen we dan vervolgens de distortion factor berekenen. Die hebben we nodig om uiteindelijk te kunnen uitrekenen welk effect deze vervorming heeft op ons effectief vermogen.

Kdistortion = 1/√(1+THD²)

Waarin;
Kdistortion => Distortion factor
THD => Total harmonic distortion

Als we dat uitrekenen voor dit voorbeeld komen we op 0,95.

Het effect van de harmonische vervorming het opgenomen vermogen

Hiermee kunnen we nu uitrekenen wat deze vervorming voor een effect heeft of ons effectief vermogen. Het effectieve vermogen wat geleverd wordt is;

Peff = U x I x λ = U x I x Kdisplacement x Kdistortion

Waarin;
Peff => Opgenomen vermogen
U => Spanning
I => Opgenomen stroom
λ => Arbeidsfactor (power factor)
Kdisplacement => Displacement factor of faseverschuiving of cosinus φ
Kdistortion => Vervormingsfactor

In dit geval komen we dan uit op een opgenomen vermogen van 230 W terwijl het schijnbare vermogen 242 W is.

Het effect van deze vervorming op de stijging in de opgenomen stroom is gering. De opgenomen stroom is 1,05 A terwijl voor het effectieve vermogen slechts 1,00 A nodig zou zijn geweest.

Het effect van de vervorming op de opgenomen stroom is niet zo groot als we bij de fase verschuiving zagen in het vorige artikel. Waarom moeten we ons dan toch druk maken over de harmonische vervorming? In het volgende deel gaan we verder kijken naar vervorming en de effecten daarvan.

#armaturenregister #elektrotechniek #lighting #openbareverlichting #straatverlichting #verlichting

Cosinus φ

De cosinus φ (cos φ), fase verschuiving, displacement factor; Power quality deel 1.

De cosinus φ (cos φ) of displacement factor? Nu maar eens het complete verhaal over power quality. In een korte serie van artikelen ga ik in op alle factoren die de zogenaamde power quality bepalen. We hebben het dan over power factor / arbeidsfactor, cosinus φ / fase verschuiving en harmonische vervorming. Wat is het allemaal en welke relaties heeft het met elkaar. Welke invloeden hebben deze factoren op onze netten. Aanleiding is dat in de nieuwe later dit jaar uit te komen “one lighting regulation” de wettelijke regels worden aangepast.

Cosinus φ / displacement factor

Iedereen kent wel de cosinus φ als belangrijke grootheid in elektrische systemen. Dit is niet geheel onterecht echter wordt de factor vaak niet correct gebruikt. De fase verschuiving van spanning ten opzichte van de stroom noemen we de cosinus φ of displacement factor

Ohmse belasting, cosinus φ / displacement factor = 1
Ohmse belasting, cosinus φ / displacement factor = 1

In bovenstaande afbeelding zien we twee sinusvormige signalen. De stroom en spanning zijn in dit geval exact gelijk qua vorm en volgen elkaar exact. Ze zijn dus “in fase”. Dat betekend ook dat de cosinus φ of displacement factor 1 is. Spanning en stroom zijn exact in fase.

Dit heeft niets met de vervorming te doen. Dat noemen we harmonische vervorming en komt in het volgende artikel aan de orde.

Bij deze belasting is de spanning en stroom exact in fase en dan spreken we over een zuiver “ohmse” belasting. Dit komt niet heel veel voor maar bijvoorbeeld een verwarmingselement is een “ohmse” belasting.

Inductieve of capacitieve belasting

Zodra we een spoel of een condensator in de keten hebben krijgen we te maken met een fase verschuiving.

Cosinus φ / Displacement factor < 1
Cosinus φ / Displacement factor = 0,5

In bovenstaande afbeelding zien we dat de spanning en stroom niet meer in fase zijn. We zien hier een fase hoek van ongeveer 60 graden. Dat betekent dat de cosinus φ = displacement factor = 0,5 is. In dit geval is er een inductieve last.

Wat is het gevolg van een lage displacement factor / cosinus φ

Indien de displacement factor klein is heeft dat gevolgen. Om hetzelfde effectieve vermogen te bereiken is een grotere stroom noodzakelijk. Dat wil zeggen als de displacement factor / cosinus φ 0,5 is dan is een twee keer zo grote stroom nodig om hetzelfde effectieve vermogen te bereiken.

Het effectieve vermogen bepalen we dan als volgt:

Peff = U x I x Kdisplacement

Of meer bekend;

Peff = U x I x Cos φ

Waarin:
Peff => opgenomen vermogen in W
U => Aansluitspanning in V
I => Opgenomen stroom in A
Kdisplacement => displacement factor = cosinus φ

Dus in de bovenstaande signalen hebben we te maken met een 230 V netspanning en een stroom van 1 A. Dat betekend dat het opgenomen effectieve vermogen 115 W is. Zou zoals bij het eerste signaal de stroom en spanning exact in fase zijn geweest zou het effectieve vermogen dus 230 W zijn geweest.

In het tweede geval heb je, om hetzelfde vermogen op te nemen, 2 x zoveel stroom nodig uit het net.

Gevolg is dan:
– Op 1 groep zijn minder van de gelijke toestellen aan te sluiten
– Het zogenaamde “blind” vermogen moet wel worden getransporteerd door ons distributie net. Het wordt echter niet afgerekend. Het gevolg zijn extra verliezen in het net die niet gedekt zijn.
– Doordat de stromen groter zijn moeten de kabels dikker zijn of moeten er meer groepen worden aangelegd. In beide gevallen is meer materiaal nodig om hetzelfde effectieve vermogen te kunnen gebruiken.

Relatie tot de arbeidsfactor

Vaak wordt de arbeidsfactor en cosinus φ door elkaar gebruikt. Belangrijk is te beseffen dat dat niet klopt. Echter in dit specifieke geval zijn de arbeidsfactor en de cosinus φ / displacement factor aan elkaar gelijk.

Indien de sinus ook nog vervormd zou zijn gaat dit niet meer op. In het volgende deel gaan we verder kijken naar vervorming en de effecten daarvan.

Volgende keer Harmonische vervorming, THD, Distortion factor; Power Quality deel 2

#armaturenregister #openbareverlichting #straatverlichting #verlichting

wegverlichting, straatlantaarn, openbare verlichting

Straatverlichting, openbare verlichting, straatlantaarn, wegverlichting

Wat is het nu eigenlijk, straatverlichting, wegverlichting, straatlantaarn, openbare verlichting? Je hoort van alles maar wat is er goed. Is alles niet gewoon goed? Een luchtig onderwerp voor we de zomervakanties in gaan.

Openbare verlichting

Openbare verlichting (afgekort OVL) is het geheel aan masten, armaturen, lampen, kabels en regelapparatuur om openbaar toegankelijk gebied, daaronder inbegrepen wegen te verlichten. (Encyclo.nl)

Straatverlichting

Straatverlichting is te vinden langs de weg en op andere plaatsen in de openbare ruimte zoals in parken. In het donker is het van belang dat weggebruikers gevaarlijke verkeerssituaties ruim op tijd kunnen inschatten. Bovendien verhoogt goede straatverlichting het gevoel van sociale veiligheid. (Wikipedia)

Straatlantaarn

Een straatlantaarn is een lichtmast die de verkeersveiligheid en de veiligheid op straat verhoogt. … De lantaarnpaal geeft de lichtbron een zekere hoogte boven de straat, waardoor een groter gebied per lichtpunt wordt verlicht. Straatlantaarns behoren tot het zogenaamde straatmeubilair. (Wikipedia)

Wegverlichting

Geen definitie gevonden.

Nader bekeken

Als we spreken over een armatuur, wat de meeste producten in de openbare verlichting catalogus vermeld staan zijn, wat hebben we dan. Alle vallen onder openbare verlichting. De definitie betreft dan nog veel meer producten die daar potentieel in kunnen vallen.

Laten we eens kijken naar straatverlichting of wegverlichting. Van wegverlichting was geen definitie te vinden maar als ik een definitie zou moeten maken zou die niet anders zijn dan die voor straatverlichting. Om de weg te verlichten hebben we dan dus weer armaturen nodig die worden geplaatst langs de weg (meestal op een lichtmast).

Een straatlantaarn, een begrip wat je eigenlijk niet veel meer hoort, is volgens de definitie dan de lichtmast tezamen met het armatuur.

De site heet armaturenregister.nl

De definitie van een armatuur:

Een armatuur is een draagconstructie voor één of meerdere lichtbronnen, van het Latijn armatura = bewapening, uitrusting; arma = wapen. Een armatuur bevat een fitting met een lichtbron. Armaturen kunnen aan de muur of aan het plafond bevestigd worden. (Wikipedia)

Hmm tegenwoordig zijn er niet veel armaturen meer in productie waar een “fitting” (lamphouder is goede woord)  in zit dus de definitie is langzaam wel wat aan een opfrisbeurt toe.

De norm (EN 60598) geeft een betere definitie;

Toestel welke het licht dat door een of meer lampen wordt opgewekt verdeelt, filtert of omvormt en waarin alle onderdelen nodig voor het bevestigen, beschermen van de lampen en indien nodig extra onderdelen om de lampen aan te kunnen sluiten op de voedingsspanning zijn opgenomen, met uitzondering van de lampen zelf.

Dat klopt heel goed met wat we op deze site doen. Het publiceren van armaturen geschikt voor gebruik in de openbare ruimte.

Lampen (lichtbronnen) staan niet op de site

Lampen worden niet op de site gepubliceerd. Kijken we naar het huidige bestand van verlichting in Nederland dan is het toch het overwegen waard om retrofit oplossingen ook onderdeel te maken van de site. Het is vanuit de circulaire gedachte best lastig om te zeggen dat het gehele toestel vervangen moet worden door een led-armatuur. Zeker wanneer het armatuur nog maar kort (< 10jr?) in gebruik is.

Retrofitting is daarmee wel een tijdelijke oplossing of toch niet?

Inderdaad als we enkel kijken naar de huidige stand der techniek. Er veranderd echter wat. De circulaire gedachte levert op dat de Europese Unie nieuwe wetgeving uitbrengt waarin wordt is opgenomen dat een armatuur te repareren moet zijn. Er komt dan een einde aan “sealed for life”. Dat betekent ook dat er een systeem van reparatie onderdelen moet gaan ontstaan. Dat zal dan ook de ledmodule moeten zijn.

Wij wensen u allen een fijne zomer(vakantie) toe.

Lees ook het stuk over het koploper project circulair inkopen.

#armaturenregister #openbareverlichting #straatverlichting #verlichting

Zhaga D4I

Zhaga D4I

Zhaga en de DiiA slaan de handen ineen om tot future-proof led verlichting te komen met IoT connectivity (Zhaga D4I). Deze stap stond er al een tijdje aan te komen. Er moest nog eea worden ontwikkeld. Zhaga Book 18 maakt het mogelijk om een connector op een armatuur te monteren om aansluitingen te maken. Met de komst van deze nieuwe norm is ook de interoperabiliteit gewaarborgd. Was het in de oude “NEMA” connector zo dat je ieder pin kon gebruiken naar “eigen wens”, in de Zhaga book 18 connector is dit vast gelegd.

Het Zhaga consortium en de DiiA (Voorheen de DALI AG) hebben deze nieuwe standaard ontwikkeld. De norm is gebaseerd op de door Zhaga ontwikkelde connector en het DALI-communicatie protocol. Doel van deze ontwikkeling is om er voor te zorgen dat de combinatie werkelijk “plug and play” is. De Zhaga D4I standaard is een zogenaamde “intra-luminaire DALI”. Een interne communicatie bus om in het armatuur communicatie mogelijk te maken.

De nieuwe uitgebreide norm dekt alle kritische onderwerpen af zoals daar zijn;

  • Mechanische fit
  • Digitale communicatie
  • Rapportage van data zoals benodigde vermogen etc.

Resultaat is het plug and play kunnen gebruiken van armaturen in combinatie met nodes (modules). De Zhaga D4I certificatie staat dan voor een mechanische fit volgens het Zhaga book 18 systeem inclusief communicatie volgens de DiiA intra-luminaire communicatie standaard.

Nieuwe normen

Normen die van toepassing zijn voor Zhaga D4I:

  • Zhaga book 18 – Mechanische fit en pen beschrijving inclusief specifieke instellingen in het DALI protocol

Power-supply specificatie

  • DALI Part 250 – Integrated Bus Power Supply / AUX Power Supply

Data specificatie

  • DALI Part 251 – Memory Bank 1 Extension – Covers luminaire-related data for asset management
  • DALI Part 252 – Energy Reporting
  • DALI Part 253 – Diagnostics & Maintenance

Zhaga D4I certificatie

Naast de norm is er een certificatie programma ontwikkeld. Een gecertificeerd product garandeert  dat de uitwisseling ook vlekkeloos verloopt. Om het nieuwe logo op een module te krijgen moet zowel worden voldaan aan de Zhaga norm als ook aan de DiiA norm. Het gecombineerde logo staat dan voor zorgenvrije uitwisselbaarheid. Staat het Zhaga D4I logo niet op de module dan is de uitwisselbaarheid ook niet gegarandeerd.

Het certificatie programma is nog niet gestart. Naar verwachting zullen snel producten met het logo op de markt gaan komen. Het certificatie programma start in het derde kwartaal van 2019.

Het Zhaga D4I logo

Zhaga D4I

Zie ook:

De nieuwe standaard voor “connectivity” voor straatverlichting?

About Zhaga

About DiiA

Persbericht Zhaga D4I

Gepubliceerde logo’s zijn eigendom van Zhaga respectievelijk DiiA.

#armaturenregister #openbareverlichting #straatverlichting #verlichting #zhaga #D4I

CE ENEC ENEC+ DEKRA LED Performance

CE, ENEC, ENEC+ en DEKRA LED Performance, het verschil deel 4

In een serie van artikelen bekijken we de verschillen tussen diverse markeringen op armaturen. In deze aflevering het verschil tussen CE, ENEC, ENEC+ en DEKRA LED Performance merk op een verlichtingstoestel. In de eerdere artikelen uit deze serie konden zien we hoe de verschillende markeringen een uitbreiding zijn van de andere markeringen. In dit artikel zetten we alles op een rij en krijgen we het overzicht.

CE

CE komt voort vanuit Europese richtlijnen. Die richtlijnen zijn in Nederland omgezet in wetgeving. De richtlijnen die, over het algemeen ,van toepassing zijn binnen de OVL zijn de Laagspanningsrichtlijn, EMC-richtlijn, RoHS-richtlijn en de ErP-richtlijn. In sommige gevallen de RED-richtlijn. Deze richtlijnen zijn in Nederland verankerd in de wet. Dat is overigens in alle Europese landen die aangesloten zijn bij de EU gelijk.

CE wordt door de fabrikant op het product gezet als hij zichzelf ervan heeft overtuigd aan de van toepassing zijnde richtlijnen te voldoen. Hij tekent dan een verklaring van overeenstemming en moet het CE merkje vermelden op zijn product. Er is geen verplichting tot het laten uitvoeren van een onafhankelijk onderzoek. Echter in zijn dossier dient hij wel aan te kunnen tonen dat aan de eisen wordt voldaan. Indien hij geen eigen lab heeft is het dan meestal noodzakelijk een extern lab in te schakelen.

ENEC

ENEC is een keurmerk. Dit keurmerk wordt uitgegeven door bij ETICS (Voorheen EEPCA) aangesloten keuringsorganisaties. De eisen voor verlening van het ENEC keurmerk zijn gebaseerd op de laagspanningsrichtlijn. Met andere woorden de eisen voor het ENEC keurmerk dekken de eisen af die vanuit de laagspanningsrichtlijn worden gesteld.

ENEC+

ENEC+ is ook een keurmerk. Dit keurmerk mag enkel worden uitgegeven als ook ENEC is verleend. Dat wil dus zeggen dat een toestel waar ENEC+ op staat ook het ENEC-keurmerk dient te dragen. Het ENEC+ keurmerk is gebaseerd op de prestaties van het armatuur. Het kan verleend worden op conventionele en op ledarmaturen. In de praktijk zien we dat enkel led-armaturen met het keurmerk worden voorzien en conventionele toestellen niet.

ENEC+ is gebaseerd op de twee normen IEC 62717 voor de ledmodules en de IEC 62722-2-1 voor de armaturen. Staat ENEC+ op het armatuur dan zijn beide normen dus toegepast. Er zijn echter door ETICS-afwijkingen vastgesteld. De afwijkingen van de norm zijn dat ETICS heeft bepaald dat voor ENEC+ niet hoeft te worden voldaan aan de levensduur eisen. Verder is het aantal te testen monsters flink gereduceerd ten opzichte van de norm. Uiteindelijk betekend dat dat ENEC+ vooral een keurmerk is dat de initiële prestaties beoordeeld en niet de prestaties op langere termijn.

DEKRA LED Performance

DEKRA LED Performance is ook een keurmerk. Dit keurmerk mag enkel worden uitgegeven als ook veiligheidskeurmerk is verleend (bijvoorbeeld ENEC) en een EMC test is uitgevoerd. Dat wil dus zeggen dat een toestel waar DEKRA LED Performance op staat ook een veiligheidskeurmerk dient te dragen. Het DEKRA LED Performance keurmerk is gebaseerd op de prestaties van het armatuur. Het kan enkel verleend worden op ledarmaturen, ledmodules en drivers.

DEKRA LED Performance is gebaseerd op een reeks van normen die de prestaties van het toestel beoordelen. De twee hoofd normen zijn IEC 62717 voor de ledmodules en de IEC 62722-2-1 voor de armaturen. Daarnaast is dat uitgebreid met normen voor bijvoorbeeld IK testen, levensduur testen, etc.

Voor ENEC, ENEC+ en DEKRA LED Performance geldt dat de fabrikant een product moet laten onderzoeken door een onafhankelijk laboratorium. Verder moet de plaats waar het product wordt geproduceerd aan strikte eisen voldoen om de continuïteit in de productie te waarborgen. Verder wordt door het laboratorium een controle uitgevoerd op de daadwerkelijk geproduceerde producten. Die controles worden jaarlijks opnieuw doorgevoerd.

* Er zijn minimum eisen gesteld die vooral afgestemd zijn op de consumenten markt.
** Er zijn eisen dat die de richtlijn afdekken echter de grenswaarden die door de richtlijn zijn gesteld zijn niet in de norm opgenomen.
*** Controle op CE vindt plaats door diverse overheidsdiensten (NVWA, IL&T en Agentschap telecom). De beperkte capaciteit in relatie tot het werkpakket en de hoeveelheid producten op de markt maakt dat er zeer beperkte mogelijkheden tot controle zijn.

Conclusie vergelijking CE ENEC ENEC+ DEKRA LED Performance;

CE dekt veel eisen af. CE is gebaseerd op een eigenverklaring van de fabrikant. Hij is niet verplicht te laten keuren. De CE eisen op het gebied van de prestaties zijn erg beperkt en vooral minimale eisen die geënt zijn op de consumenten markt.

Bij ENEC worden de eisen van de laagspanningsrichtlijn afgedekt en wordt onderzoek gedaan door een onafhankelijk laboratorium die ook de productielocatie inspecteert en marktonderzoek doet aan producten met het keurmerk.

ENEC+ is daar een toevoeging op en beoordeeld of de initiële prestaties zijn zoals door de fabrikant beweert. Het geeft daarmee enkel een waardeoordeel over de correctheid van de specificatie. Het is een waardevolle aanvulling op het ENEC-keurmerk.

DEKRA LED Performance is daar nog een uitbreiding op en vereist dat ook nog aan de EMC Eisen wordt voldaan en dat levensduur van het toestel moet worden beoordeeld.

De keurmerken zijn niet wettelijk verplicht, CE moet op ieder verlichtingstoestel staan en verlichtingstoestellen zonder CE mogen niet verkocht of aangeboden worden in Nederland (en Europa).

Lees ook:

Het verschil deel 3 “Wat is het verschil tussen ENEC+ en DEKRA LED Performance?”

Het verschil deel 2 “Wat is het verschil tussen ENEC en ENEC+?”

https://armaturenregister.nl/2019/03/03/het-verschil-deel-1-wat-is-het-verschil-tussen-enec-en-ce/

#armaturenregister #openbareverlichting #straatverlichting #verlichting #tic #testen #certificatie

LEDset een communicatie standaard voor ledmodules

Inmiddels alweer enkele jaren geleden is door de MD-SIG een specificatie opgesteld genaamd LEDset. Een product die deze specificatie geïmplementeerd heeft is gemarkeerd met een speciaal logo en we zien dit steeds vaker staan op o.a. drivers. De MD-SIG is ontstaan vanuit Zhaga leden. LEDset, Wat is dit voor een specificatie en waar komt hij vandaan.

LEDset wat is dat?

De specificatie LEDset1 is een informatie interface specificatie. De norm draagt zorg voor een communicatie tussen de ledmodule en de driver om een juiste stroom instelling te creëren. Dit is een zeer rudimentaire communicatie. Dit was dan ook de eerste oplossing om dit te doen en werkt analoog.

Hoe werkt LEDset?

Er zijn twee methoden die toegepast kunnen worden maar kort gezegd is het in beide gevallen zo dat er een extra aansluiting is gemaakt. Op deze aansluiting sluit je een weerstand aan. Deze kan op de ledmodule zitten of kan los gemonteerd zijn. Deze weerstand wordt door de driver gemeten en op basis van de gemeten weerstand wordt de stroom ingesteld die door de module gaat. De weerstand bepaald dus de module stroom.

LEDset
Schema van MD-SIG website

Op de module kan ook een temperatuur sensor circuit worden geplaatst. Hiermee kan dan via dit systeem een terugkoppeling naar de driver worden gegeven wanneer de module te warm begint te worden en daarmee kan de driver dan de stroom terug regelen. Hiermee zal de temperatuur van de module dan binnen de maximale waarden kunnen worden gehouden waardoor de levensduur kan worden gegarandeerd.

LEDset
Schema van MD-SIG website

Gevolg van het terug regelen van de stroom is natuurlijk wel dat de lichtopbrengst in dat geval ook naar beneden gaat. Je hebt daarmee wel het voordeel dat de leds niet over verhitten waardoor de levensduur snel naar beneden gaat.

Let wel op want als je een driver en module hebt die voorzien zijn van het LEDset logo wil dat niet per definitie zeggen dat ze op elkaar kunnen worden aangesloten. Er zijn aanvullende parameters die eerst gecontroleerd moeten worden om de compatibiliteit te garanderen. Het is daarmee ook vooral een hulp voor de armaturen fabrikant.

LEDset logo

In Zhaga publicaties wordt verwezen naar de MD-SIG specificaties voor de interface tussen de module en de driver.

Wie of wat is de MD-SIG?

MD-SIG staat voor Module Driver interface Special Interest Group. Het is een wereldwijd consortium van bedrijven uit de verlichtingsindustrie. Deze groep is ontstaan vanuit het Zhaga consortium. Aangesloten zijn:

  • BAG
  • BJB
  • Helvar
  • OSRAM
  • Panasonic / Vossloh Schwabe
  • Signify
  • TCI
  • Zumtobel / Tridonic

(d.d. 03-2019)

Iedereen kan zich aansluiten bij het consortium. Al zien we nu vooral driver/module fabrikanten die natuurlijk ook de meeste interesse hebben aan deze normen.

Ga naar de website van MD-SIG om meer te lezen over dit consortium.

De specificatie is te downloaden van de MD-SIG website.

Site-titel Titel

Het verschil deel 3 “Wat is het verschil tussen ENEC+ en DEKRA LED Performance?”

In een serie van artikelen zullen we de verschillen tussen diverse markeringen op armaturen toelichten. In deze aflevering het verschil tussen ENEC+ en DEKRA LED Performance op een verlichtingstoestel. Om het verschil te kunnen duiden moeten is het van belang te weten dat ENEC+ een keurmerk gerelateerd aan de prestaties van een verlichtingstoestel vastgesteld door ETICS en DEKRA LED Performance is ontwikkeld op basis van de wensen van een forum van leveranciers en afnemers.

ENEC+

Zoals in deel 2 ook besproken is ENEC+ is ook een keurmerk. Dit keurmerk mag enkel worden uitgegeven als ook ENEC is verleend. Dat wil dus zeggen dat een toestel waar ENEC+ op staat ook het ENEC-keurmerk dient te dragen. Het ENEC+ keurmerk is gebaseerd op de prestaties van het armatuur. Het kan verleend worden op conventionele en op ledarmaturen. In de praktijk zien we dat enkel led-armaturen met het keurmerk worden voorzien en conventionele toestellen niet.

ENEC+ is gebaseerd op de twee normen IEC 62717 voor de ledmodules en de IEC 62722-2-1 voor de armaturen. Staat ENEC+ op het armatuur dan zijn beide normen dus toegepast. Er zijn echter door ETICS-afwijkingen vastgesteld. De afwijkingen van de norm zijn dat ETICS heeft bepaald dat voor ENEC+ niet hoeft te worden voldaan aan de levensduur eisen. Verder is het aantal te testen monsters flink gereduceerd ten opzichte van de norm. Uiteindelijk betekend dat dat ENEC+ vooral een keurmerk is dat de initiële prestaties beoordeeld en niet de prestaties op langere termijn.

DEKRA LED Performance

DEKRA LED Performance is ook een keurmerk. Dit keurmerk mag enkel worden uitgegeven als ook veiligheidskeurmerk is verleend (bijvoorbeeld ENEC) en een EMC test is uitgevoerd. Dat wil dus zeggen dat een toestel waar DEKRA LED Performance op staat ook een veiligheidskeurmerk dient te dragen. Het DEKRA LED Performance keurmerk is gebaseerd op de prestaties van het armatuur. Het kan enkel verleend worden op ledarmaturen, ledmodules en drivers.

In beide gevallen geldt dat de fabrikant een product moet laten onderzoeken door een onafhankelijk laboratorium. Verder moet de plaats waar het product wordt geproduceerd aan strikte eisen voldoen om de continuïteit in de productie te waarborgen. Verder wordt door het laboratorium een controle uitgevoerd op de daadwerkelijk geproduceerde producten. Die controles worden jaarlijks opnieuw doorgevoerd.

DEKRA LED Performance is gebaseerd op een reeks van normen die de prestaties van het toestel beoordelen. De twee hoofd normen zijn IEC 62717 voor de ledmodules en de IEC 62722-2-1 voor de armaturen. Daarnaast is dat uitgebreid met normen voor bijvoorbeeld IK testen, levensduur testen, etc.

ENEC+ DEKRA LED Performance
Eisen geldend voor OVL armaturen ENEC moet al zijn verleend

Aanvullend gelden de normen voor initiële prestaties

ENEC moet al zijn verleend

EMC richtlijn

Aanvullend gelden de normen voor prestaties

Verplicht Nee Nee
Keuring door een geaccrediteerd onafhankelijk lab Ja Ja
Inspectie van productie plaats Ja Ja
Controle van producten na productie Ja Ja
Controle omgevingscondities Ja, beperkt tot IP en Temperatuur Ja, inclusief IP, temperatuur, IK, uitbreidbaar op wens fabrikant
Elektrische condities Basiseisen voor o.a. Stroom, Vermogen en arbeidsfactor Basiseisen voor o.a. Stroom, Vermogen en arbeidsfactor maar aanvullend piekspanningsbeveiliging, inrush current, arbeidsfactor bij dimmen en THD
Licht prestaties Eisen volgens norm Eisen volgens norm
Levensduur Niet opgenomen Eisen voor levensduur led module en levensduur driver

Samengevat;

Bij ENEC+ worden de eisen van de laagspanningsrichtlijn afgedekt en wordt onderzoek gedaan door een onafhankelijk laboratorium die ook de productielocatie inspecteert en marktonderzoek doet aan producten met het keurmerk. ENEC+ is daar een toevoeging op en beoordeeld of de initiële prestaties zijn zoals door de fabrikant beweert. Het geeft daarmee enkel een waardeoordeel over de correctheid van de specificatie. Het is een waardevolle aanvulling op het ENEC keurmerk. Helaas mist het oordeel over de levensduur.

DEKRA LED Performance is daar nog een uitbreiding op en vereist dat ook nog aan de EMC Eisen wordt voldaan en dat levensduur van het toestel moet worden beoordeeld.

Lees ook Het verschil deel 2 “Wat is het verschil tussen ENEC en ENEC+?” en Het verschil deel 1 “Wat is het verschil tussen ENEC en CE?

Het verschil deel 2 “Wat is het verschil tussen ENEC en ENEC+?”

In een serie van artikelen zullen we de verschillen tussen diverse markeringen op armaturen toelichten. In deze aflevering het verschil tussen ENEC en ENEC+ op een verlichtingstoestel. Om het verschil te kunnen duiden moeten is het van belang te weten dat ENEC een veiligheidskeurmerk is en ENEC+ een keurmerk gerelateerd aan de prestaties van een verlichtingstoestel.

Zoals in deel 1 besproken is ENEC een keurmerk. Dit keurmerk wordt uitgegeven door bij ETICS (Voorheen EEPCA) aangesloten keuringsorganisaties. De eisen voor verlening van het ENEC-keurmerk zijn gebaseerd op de laagspanningsrichtlijn. Met andere woorden de eisen voor het ENEC-keurmerk dekken de eisen af die vanuit de laagspanningsrichtlijn worden gesteld.

Bij ENEC geldt dat de fabrikant een product moet laten onderzoeken door een onafhankelijk laboratorium. Verder moet de plaats waar het product wordt geproduceerd aan strikte eisen voldoen om de continuïteit in de productie te waarborgen. Verder wordt door het laboratorium een controle uitgevoerd op de daadwerkelijk geproduceerde producten. Die controles worden jaarlijks opnieuw doorgevoerd.

In basis kan een verlichtingstoestel gecertificeerd zijn voor ENEC terwijl het nauwelijks licht opbrengst heeft. Zolang het maar veilig is.

ENEC+ is ook een keurmerk. Dit keurmerk mag enkel worden uitgegeven als ook ENEC is verleend. Dat wil dus zeggen dat een toestel waar ENEC+ op staat ook het ENEC-keurmerk dient te dragen. Het ENEC+ keurmerk is gebaseerd op de prestaties van het armatuur. Het kan verleend worden op conventionele en ledarmaturen. In de praktijk zien we dat enkel led-armaturen met het keurmerk worden voorzien en conventionele toestellen niet.

ENEC+ is gebaseerd op de twee normen IEC 62717 voor de ledmodules en de IEC 62722-2-1 voor de armaturen. Staat ENEC+ op het armatuur dan zijn beide normen dus toegepast. Er zijn echter door ETICS-afwijkingen vast gesteld. De afwijkingen van de norm zijn dat ETICS heeft bepaald dat voor ENEC+ niet hoeft te worden voldaan aan de levensduur eisen. Verder is het aantal te testen monsters flink gereduceerd ten opzichte van de norm. Uiteindelijk betekend dat dat ENEC+ vooral een keurmerk is dat de initiële prestaties beoordeeld en niet de prestaties op langere termijn.

ENEC ENEC+
Eisen geldend voor OVL armaturen Laagspanningsrichtlijn ENEC moet al zijn verleend Aanvullend gelden de normen voor initiële prestaties
Verplicht Nee Nee
Keuring door een geaccrediteerd onafhankelijk lab Ja Ja
Inspectie van productie plaats Ja Ja
Controle van producten na productie Ja Ja

Samengevat;

Bij ENEC worden de eisen van de laagspanningsrichtlijn afgedekt en wordt onderzoek gedaan door een onafhankelijk laboratorium die ook de productielocatie inspecteert en marktonderzoek doet aan producten met het keurmerk.

ENEC+ is daar een toevoeging op ENEC en beoordeeld of de initiële prestaties zijn zoals door de fabrikant beweert. Het geeft daarmee enkel een waardeoordeel over de correctheid van de specificatie in nieuwe conditie. Het is een waardevolle aanvulling op het ENEC-keurmerk. Helaas mist het oordeel over de beloofde levensduur door de fabrikant.

Lees ook Het verschil deel 1 “Wat is het verschil tussen ENEC en CE?” en Het verschil deel 3 “Wat is het verschil tussen ENEC+ en DEKRA LED Performance?”