Categorie: Algemeen

Diverse vormen van retrofit

De verschillende vormen van Retrofit

Welke verschillende vormen van retrofit kunnen we onderscheiden. Wat zijn de bijzonderheden waar we op moeten letten. Welke overwegingen moeten we maken. Ook in de openbare verlichting zien we veel gebeuren op het gebied van retrofitting. Laten we die verschillende vormen eens wat nader definiëren zodat we ze beter kunnen beoordelen en kunnen afwegen welke vorm het handigst is voor openbare verlichting. Ervan uitgaande dat retrofit in de genoemde situatie een goede oplossing is.

Plug and play retrofit

Een vorm van retrofit waarbij de originele conventionele lichtbron kan worden verwijderd uit het toestel en de nieuwe ledlamp geplaatst kan worden zonder dat verdere aanpassing noodzakelijk is. In sommige gevallen moet de starter die in het toestel zit, vervangen worden door een dummy starter.

Ombouw

Ombouw wordt gebruikt als verzamelnaam voor de retrofit typen 1, 2 en 3 zoals hieronder gedefinieerd. De verschillende methoden van “ombouw” zijn van belang want ze hebben allemaal hun eigen specifieke aandachtspunten. Een verdere definitie is derhalve nodig om een beter beeld te krijgen van de toepassingen.

Retrofit type 1

Het vervangen van de originele lichtbron door een led-lichtbron waarbij wel modificaties worden aangebracht aan het armatuur. Bijvoorbeeld het verwijderen of overbruggen van het voorschakeltoestel in een TL-armatuur, Natrium lamp armatuur, etc.

Retrofit type 2

Het vervangen van componenten in het originele armatuur. De originele componenten zoals voorschakeltoestel en lamphouders worden verwijderd. Er wordt dan een leddriver en ledmodule (of led module met geïntegreerde driver) ingebouwd.

Retrofit type 3

Het vervangen van alle componenten in het originele armatuur. Alle componenten worden verwijderd tot een lege behuizing overblijft. Ook worden dan meestal de originele optieken verwijderd. In die lege behuizing wordt dan een complete led-oplossing geplaatst. Deze oplossing wordt ook wel een box-in-box oplossing genoemd.

Welke vormen van retrofit kunnen we het makkelijkst toepassen in openbare verlichting?

  • “Plug and play” retrofit is het belangrijkste voordeel is dat het makkelijk door te voeren is. Er zijn echter veel nadelen aan deze methode verbonden en er is weinig openbare verlichting die hiervoor echt geschikt is. Is de lichtverdeling niet zo zeer van belang en is het originele armatuur nog helemaal goed is er weinig op tegen. Is de lichtverdeling en verlichtingssterkte essentieel dan moet hier echt de nodige aandacht aan besteed worden want er zijn dan nogal wat haken en ogen.
  • Retrofit type 3 is goed toepasbaar in complexere situaties. Het is een complexe oplossing die niet zonder meer voor elke armatuur beschikbaar is. Er zijn diverse leveranciers die oplossingen beschikbaar hebben. Deze oplossing kan heel goed worden toegepast ook daar waar lichtverdeling en verlichtingssterkte wel essentieel zijn.
  • Retrofit type 1 en 2 zijn bijna nooit aan te raden en zeker niet voor kleine projecten. Er zijn vele haken en ogen verbonden aan deze methoden. Het kan zeker wel maar wil je het goed doen en veilig houden dan is het vaak pas rendabel als het om grotere projecten c.q. aantallen gaat. Het blijft echter altijd een lastige oplossing als je ook wilt voldoen aan de veiligheidseisen zoals ze wettelijk worden gesteld.

Meer details?

Wil je meer details en informatie dan kan ik van harte aanbevelen het boek “Licht vernieuwen naar led, dit moet je weten” Verkrijgbaar bij Groen licht Vlaanderen, IBE-BIV en de NSVV.

Gerelateerde post: Retrofit, een goed idee of niet?

Retrofit oplossingen

Retrofit, een goed idee of niet?

Bij de introductie van LED zijn al snel retrofit oplossingen ontwikkeld. Het lijkt eenvoudig en dat kan het ook zijn. Soms is retrofit een goed alternatief voor vervanging. Er is voldoende reden om daarom de complexiteiten eens verder uit te diepen. In een nieuw boek dat speciaal ontwikkeld werd in samenwerking met IBE-BIV, Groen Licht Vlaanderen en de NSVV is dit het hoofdonderwerp.

We kunnen retrofit in verschillende categorieën indelen. De “Plug en Play” oplossing, de ombouw methode en de “Box in Box” oplossing. Kijken we naar het toepassen van de oplossingen zijn de eerste en de laatste het makkelijkst en zonder heel veel complicaties toe te passen. Bij alle vormen van retrofit moeten een aantal overwegingen worden gemaakt om tot een goede beslissing te komen. Die zijn zeer van afhankelijk van de situatie waarin men retrofit wil gaan toepassen.

Milieu en retrofit

Vanuit het oogpunt van milieu is retrofit een goed idee. Je verlengt de levensduur van een deel van het armatuur. In veel gevallen is de winst dubbel want ook op energie verbruik wordt bespaard en je kunt een oud klassiek product in bedrijf houden. Dus waarom zou je dat niet doen?

Complicaties

Ik heb vorig jaar meegewerkt aan een bestek waarin specifiek retrofit werd gevraagd. Het bleek voor de leveranciers best lastig om bewijsstukken aan te leveren waaruit moest blijken dat de producten aan de zeer “basic” eisen voldoen. Het is door diverse leveranciers gelukt om de benodigde stukken aan te leveren. Het was echter wel opvallend dat er ook leveranciers zijn die, in hun uitingen aangeven hoe goed hun product is, dat niet konden onderbouwen met meetgegevens en rapporten.

Het boek gaat in detail in op de overwegingen rondom retrofit. Welke afwegingen en welke complicaties komen erbij kijken. Waar moet je over na denken. Het is algemeen geschreven voor de hele verlichtingsindustrie. Een groot deel hiervan is echter ook van toepassing voor de Openbare verlichtingsbranche.

Licht vernieuwen naar LED, wat moet je weten. Alles over retrofit. Het boek zal in Februari 2021 beschikbaar zijn bij de NSVV in Nederland en bij IBE-BIV en Groen Licht Vlaanderen in België

2020 is voorbij, wat gaat 2021 ons brengen?

2020 was een jaar van veel gedoe, anderhalve meter, anders werken en anders gedragen. We zouden geen Nederlanders zijn als we niet allemaal een andere mening hadden over de effectiviteit en noodzaak van alle maatregelen die werden genomen. Gelukkig was het niet alleen kommer en kwel. De openbare verlichtingsindustrie ging door. En voor velen was het uiteindelijk toch een succesvol jaar.

In 2021 krijgen we Corona onder controle. De industrie kan dus weer focussen op de toekomst. Zoals gezegd in de openbare verlichtingsindustrie werd flink doorontwikkeld. Wat kunnen we gaan verwachten in 2021?

ZHAGA

Begin 2020 werd de Zhaga-D4i certificatie uitgerold voor armaturen. Nadat de drivers gecheckt konden worden volgens het D4i voorschrift konden nu ook de armaturen gecontroleerd worden aan het voldoen aan de Zhaga-D4i voorschriften. Inmiddels is er al een flink aantal gecertificeerde producten beschikbaar. Zie de Zhaga website voor gedetailleerde informatie.

Fabrikanten met Zhaga-D4i gecertificeerde producten op het moment van schrijven zijn; AB Fagerhult, Eclatec, Lightronics, Lightwell, ROHL, Schréder, Signify,  Siteco, Trilux , ZPSO ROSA en Zumtobel. In het totaal zijn reeds 54 product families gecertificeerd!!

Helaas liet het testen van nodes en sensoren op zich wachten. Dit is echter wel essentieel om een compleet ecosysteem te ontwikkelen. De certificatie programma’s zijn gestart en de eerste producten liggen inmiddels bij de keuringsinstellingen voor onderzoek. Het zal niet lang meer duren voordat de eerste gecertificeerde producten ter beschikking komen. Ik verwacht dat de eerste producten in begin 2021 beschikbaar komen.

Zhaga had al een voorschrift ontwikkeld voor uitwisselbare led-modules specifiek voor de openbare verlichting. Dit werd in 2020 uitgebreid met een voorschrift voor modules met een afdichting voor water en stof. We hebben nu de beschikking over 3 specifieke voorschriften, te weten boek 4, 15 en 19. Let wel Boek 4 is niet zeer veel in gebruik en inmiddels relatief oud maar boek 15 en 19 hebben grote potentie. Deze voorschriften maken het namelijk mogelijk om zowel de module als de lenzen uitwisselbaar te maken. Let wel het grote voordeel is dat je dan niet meer fabrikant afhankelijk bent bij het uitwissen van een module zoals bij proprietary systemen niet het geval is. Ook hier worden in 2021 diverse certificaties verwacht.

Herstellen van armaturen.

Het repareren van armaturen is best lastig en met de komst van led is dat niet eenvoudiger geworden. Er ontstond een trend van producten die “sealed for life” werden uitgevoerd. Er kan geen onderhoud meer uitgevoerd worden. Bij openen van het product is het kapot. In 2021 wordt de nieuwe “Single Lighting Regulation” van kracht. Deze verordening regelt onder andere dat producten te repareren moeten zijn. Dit is een opmaat voor een verdergaande regeling die dan te verwachten is rond 2025. In de huidige regeling is eea nog niet zo heel duidelijk geregeld. De Europese Unie geeft de industrie hiermee de tijd om zelf een goede beste praktijk te ontwikkelen.

Zelf maak ik deel uit van een werkgroep die hiermee aan de slag is gegaan voor de openbare verlichting. De ontwikkelingen binnen Zhaga gaan ook die kant op want, om reparatie zinvol en goed mogelijk te maken is normalisatie van essentieel belang.

Samenwerking met Moederbestek

In 2020 zijn gesprekken gestart met Moederbestek om te kijken hoe we het beste de voordelen van het Armaturenregister met standaard teksten voor bestekken kunnen combineren. Tezamen met het controles van zowel Armaturenregister en Moederbestek kunnen we elkaar versterken en een volgende stap zetten in verbeteren van de kwaliteit van het arsenaal openbare verlichting in Nederland. Armaturenregister blijft zich focussen op het armatuur zoals tot nu toe gebruikelijk is geweest.

Toekomstige aanpassingen in Armaturenregister

In het afgelopen jaar zijn er ontwikkelingen in de trends rondom certificatie die van belang zijn om de criteria voor het armaturenregister aan te gaan passen. We zijn al in discussie met de organisaties die hier het meest mee te maken hebben om te kijken hoe we die aanpassingen het best kunnen inpassen.

Daarnaast hebben we te maken met de verdergaande ontwikkeling rondom circulariteit. Ook op dit gebied vindt certificatie plaats en is dat van belang om te kijken hoe daar in het armaturenregister verder invulling aan gegeven kan worden.

2021 belooft dus weer een spannend jaar te worden. Wij wensen alle lezers en deelnemers aan armaturenregister een gezond en succesvol 2021 toe.

Jaap Nuesink 7-1-2021

Gedragscode lichtberekeningen

Er zijn geen uniforme regels of normen voor het opstellen van lichtplannen. Hierdoor kunnen lichtplannen die gemaakt zijn door de diverse adviseurs niet altijd goed vergeleken worden. Om deze situatie te verbeteren heeft de NSVV in samenwerking met de NLA een gedragscode lichtberekeningen opgesteld. De organisaties die aangesloten zijn gebruiken dezelfde uitgangspunten voor het maken van een berekening en rapporteren die op een gelijke manier.

Op de website van de NSVV is een lijst gepubliceerd van deelnemers aan de gedragscode.

Deelnemers gedragscode

Deelnemers aan de gedragscode mogen het logo voeren

De NSVV vervult de rol van arbitrage commissie indien er twijfel bestaat over de juistheid van lichtberekeningen die door de aangesloten partijen zijn gemaakt. De NSVV kan in het geval van twijfel of bij het vermoeden van misbruik een steekproef nemen.

Zhaga-D4i

Eerste Zhaga-D4i straatverlichting beschikbaar

De eerste Zhaga-D4i gecertificeerde armaturen zijn beschikbaar. Deze week verschenen op de website van Zhaga de eerste armaturen in de “product database”. De tweede stap is hiermee gezet. De eerste stap waren de connectors. De volgende stap is het toevoegen van de sensoren en nodes. Als dat gebeurd is ontstaat snel het complete eco-systeem wat nodig is voor het definitieve succes van de Zhaga connector.

Waarom Zhaga-D4i certificatie

We kenden al het Zhaga merkje op een connector. Dit merkje mag enkel gebruikt worden als de afmetingen van de connector juist zijn en een goede verbinding en werking zeker wordt gesteld. Dat moeten we zeker weten omdat verschillende merken connectoren door elkaar gebruikt moeten kunnen worden. Je weet namelijk niet welk merk de armaturen fabrikant heeft toegepast en welke de sensoren fabrikant gebruikt. Als die niet gecertificeerd zijn heb je geen zekerheid over de juiste werking.

Zhaga-D4i logo

De certificatie van het armatuur staat voor de juiste aansluitingen en de juiste toepassing van de drivers die erop zijn aangesloten. Ook hier is het van belang dat alle aansluitingen juist zijn. Als dat niet het geval is dan zal een sensor of een node niet werken. De belofte is “plug en play” en als de aansluitingen niet juist zijn of de drivers niet de juiste software hebben dan zal eea niet werken. De Zhaga-D4i certificatie dekt dat af.

Op dit moment 3 model series met Zhaga-D4i?

Op het moment van dit schrijven staan er 3 series in. Dat wil zeggen dat er al vele toestellen zijn gecertificeerd. Uit betrouwbare bron weten we dat dit heel snel gaat uitbreiden en niet alleen met de grote fabrikanten. Ik heb persoonlijk het eerste certificaat mogen uitreiken in Januari aan Signify. Helaas zit Signify nog niet in armaturenregister.nl. Zodra fabrikanten die publicaties hebben in Armaturenregister.nl met Zhaga-D4i gecertificeerd producten komen zullen we dit in armaturenregister.nl ook gaan vermelden.

Waarom nog geen sensors en nodes met Zhag-D4i?

Helaas nog niet. Dat ligt niet aan de fabrikanten maar het heeft te maken met de ontwikkeling van de test software. Deze is nog niet afgerond. De verwachting is dat dit in het eerste kwartaal van 2020 wordt afgerond. Zodra dit finaal is kunnen de producten die in aanmerking komen gecertificeerd gaan worden.

De toekomst is Zhaga-D4i

Nu armaturen instaleren met Zhaga-D4i levert veel voordelen op. De armaturen kunnen makkelijk worden uitgebreid met extra functionaliteit. Er kunnen sensoren aan worden gekoppeld en als die ook Zhaga-D4i zijn gecertificeerd dan weet je zeker dat het werkt. Doordat het een open systeem is ontstaat er een zeer uitgebreid eco-systeem aan sensoren. Ondanks dat de certificatie programma’s voor de sensoren nog niet zijn gestart zien we zich dat al aftekenen. Een ruime keuze van sensoren en nodes is inmiddels al beschikbaar.

Het Zhaga logo is een certificatie merk geregistreerd door het Zhaga consortium en D4i is een certificatie merk geregistreerd door DiiA.

Gerelateerde berichten:
Zhaga-D4i
Zhaga book 18 demo
Zhaga-D4i logo staat voor interoperabiliteit

Zhaga book 18 demo

Op de LED Professional conferentie in Bregenz maakten we een Zhaga book 18 demo film. Op verzoek van armaturenregister heeft Dee Denteneer, de Secretary General van Zhaga de werking en mogelijkheden van book 18 gedemonstreerd. We maakten een video waarin ook een aantal andere onderwerpen aan bod kwamen. Zo hebben we gesproken over het nieuwe book 19 en het wat oudere book 13.

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat het ook daadwerkelijk gaat werken? Het maken van een specificatie is natuurlijk één ding maar we hoe zorgen we ervoor dat het werkt? De materie is complex, dat wil zeggen de constructie en het protocol moeten juist ontworpen zijn om het geheel te laten werken. Daar is natuurlijk ook over nagedacht.

Wat komt er aan bod in de Zhaga book 18 demo?

De Zhaga connector komt aan bod die gespecificeerd is in book 18. Verder komt de driver aan bod die gespecificeerd is in book 13. Ook is er een introductie van de nieuwe IP dichte ledmodule volgens book 19. Alle hebben hun toepassing in Openbare verlichting. Het protocol zoals gespecificeerd in de DiiA (Digital Illuminaition Interface Alliance ofwel DALI) maakt het geheel compleet tot een werkzame propositie.

Veel plezier bij het bekijken van deze Zhaga book 18 demo.

Voorbeeld Zhaga book 18;

Zhaga connector, zhaga book 18 demo video

Eerdere artikelen gerelateerd aan dit artikel:

De Zhaga connector, de nieuwe standaard voor “connectivity” voor openbare verlichting?

Zhaga D4I

ZD4i logo staat voor Interoperabiliteit

Meer informatie is ook te vinden op de website van het Zhaga Consortium.

En hier een link naar informatie specifiek over book 18.

Gepubliceerde logo’s zijn eigendom van Zhaga respectievelijk DiiA.

#armaturenregister #openbareverlichting #straatverlichting #verlichting #zhaga #D4I

wegverlichting, straatlantaarn, openbare verlichting

Straatverlichting, openbare verlichting, straatlantaarn, wegverlichting

Wat is het nu eigenlijk, straatverlichting, wegverlichting, straatlantaarn, openbare verlichting? Je hoort van alles maar wat is er goed. Is alles niet gewoon goed? Een luchtig onderwerp voor we de zomervakanties in gaan.

Openbare verlichting

Openbare verlichting (afgekort OVL) is het geheel aan masten, armaturen, lampen, kabels en regelapparatuur om openbaar toegankelijk gebied, daaronder inbegrepen wegen te verlichten. (Encyclo.nl)

Straatverlichting

Straatverlichting is te vinden langs de weg en op andere plaatsen in de openbare ruimte zoals in parken. In het donker is het van belang dat weggebruikers gevaarlijke verkeerssituaties ruim op tijd kunnen inschatten. Bovendien verhoogt goede straatverlichting het gevoel van sociale veiligheid. (Wikipedia)

Straatlantaarn

Een straatlantaarn is een lichtmast die de verkeersveiligheid en de veiligheid op straat verhoogt. … De lantaarnpaal geeft de lichtbron een zekere hoogte boven de straat, waardoor een groter gebied per lichtpunt wordt verlicht. Straatlantaarns behoren tot het zogenaamde straatmeubilair. (Wikipedia)

Wegverlichting

Geen definitie gevonden.

Nader bekeken

Als we spreken over een armatuur, wat de meeste producten in de openbare verlichting catalogus vermeld staan zijn, wat hebben we dan. Alle vallen onder openbare verlichting. De definitie betreft dan nog veel meer producten die daar potentieel in kunnen vallen.

Laten we eens kijken naar straatverlichting of wegverlichting. Van wegverlichting was geen definitie te vinden maar als ik een definitie zou moeten maken zou die niet anders zijn dan die voor straatverlichting. Om de weg te verlichten hebben we dan dus weer armaturen nodig die worden geplaatst langs de weg (meestal op een lichtmast).

Een straatlantaarn, een begrip wat je eigenlijk niet veel meer hoort, is volgens de definitie dan de lichtmast tezamen met het armatuur.

De site heet armaturenregister.nl

De definitie van een armatuur:

Een armatuur is een draagconstructie voor één of meerdere lichtbronnen, van het Latijn armatura = bewapening, uitrusting; arma = wapen. Een armatuur bevat een fitting met een lichtbron. Armaturen kunnen aan de muur of aan het plafond bevestigd worden. (Wikipedia)

Hmm tegenwoordig zijn er niet veel armaturen meer in productie waar een “fitting” (lamphouder is goede woord)  in zit dus de definitie is langzaam wel wat aan een opfrisbeurt toe.

De norm (EN 60598) geeft een betere definitie;

Toestel welke het licht dat door een of meer lampen wordt opgewekt verdeelt, filtert of omvormt en waarin alle onderdelen nodig voor het bevestigen, beschermen van de lampen en indien nodig extra onderdelen om de lampen aan te kunnen sluiten op de voedingsspanning zijn opgenomen, met uitzondering van de lampen zelf.

Dat klopt heel goed met wat we op deze site doen. Het publiceren van armaturen geschikt voor gebruik in de openbare ruimte.

Lampen (lichtbronnen) staan niet op de site

Lampen worden niet op de site gepubliceerd. Kijken we naar het huidige bestand van verlichting in Nederland dan is het toch het overwegen waard om retrofit oplossingen ook onderdeel te maken van de site. Het is vanuit de circulaire gedachte best lastig om te zeggen dat het gehele toestel vervangen moet worden door een led-armatuur. Zeker wanneer het armatuur nog maar kort (< 10jr?) in gebruik is.

Retrofitting is daarmee wel een tijdelijke oplossing of toch niet?

Inderdaad als we enkel kijken naar de huidige stand der techniek. Er veranderd echter wat. De circulaire gedachte levert op dat de Europese Unie nieuwe wetgeving uitbrengt waarin wordt is opgenomen dat een armatuur te repareren moet zijn. Er komt dan een einde aan “sealed for life”. Dat betekent ook dat er een systeem van reparatie onderdelen moet gaan ontstaan. Dat zal dan ook de ledmodule moeten zijn.

Wij wensen u allen een fijne zomer(vakantie) toe.

Lees ook het stuk over het koploper project circulair inkopen.

#armaturenregister #openbareverlichting #straatverlichting #verlichting

cCirculair inkopen openbare verlichting is een belangrijk thema.

Koplopersproject circulair inkopen openbare verlichting

Circulair inkopen openbare verlichting is een belangrijk thema. Daarbij groeit de behoefte aan objectiviteit. In hoeverre is een product circulair? En hoe kunnen we meer circulariteit realiseren? In 2018 startte het koplopersproject waarin deze vraagstukken centraal staan én dat concrete handvatten biedt.

In het project werken twee belangrijke ketenpartijen, namelijk overheden en leveranciers, samen. Doel is om het circulair inkopen van armaturen een stap dichterbij te brengen én meer inzicht te krijgen in hoe openbare verlichting meer circulair kan worden.

Circulariteit meten

Centraal daarbij staat de Milieukostenindicator (MKI). Deze MKI wordt bepaald met de LCA-methode (Levenscyclusanalyse), een objectieve, internationaal erkende methode. De MKI is een indicator waarbij de totale milieu-impact wordt uitgedrukt in euro’s. De MKI-waarde is verifieerbaar en omvat alle milieu-effecten (toxiciteiten, CO2, energiegebruik, uitputting grondstoffen, enzovoort). Hoe hoger de mate van circulariteit, hoe lager de MKI-waarde.

Koplopers openbare verlichting

De MKI wordt al in meerdere sectoren gebruikt, maar is bij openbare verlichting nog relatief onbekend. Dit project brengt daar verandering in. Vier leveranciers rekenden van hun eigen armaturen de MKI door. Zij deden dit met ondersteuning van Ecochain Technologies. Dit bedrijf biedt een online tool om de MKI-waardes van producten te berekenen en heeft een speciale database voor armaturen aangelegd.

De deelnemende bedrijven kunnen nu een MKI voor hun producten aanleveren en hebben daardoor een voorsprong op de rest van de markt. Ook hebben zij door dit project meer inzicht kregen in hun eigen producten, het productieproces en hoe zij dit meer circulair kunnen maken.
Tegelijkertijd is met de overheden onderzocht hoe zíj hiermee aan de slag kunnen. Hoe kunnen zij de MKI meenemen in hun uitvraag? En in welke mate bepalen zij zelf de MKI van openbare verlichting?

Vervolg in 2019

Eind januari 2019 verschijnt er een handleiding voor het circulair inkopen van armaturen met behulp van de MKI. Deze is gemaakt door Licht en Donker Advies, in samenspraak met de deelnemers van het project en is voor iedereen toegankelijk.

Deelnemers Koplopersproject

Innolumis, Modernista, Orange Lighting, Lightronics, Amsterdam, Stad Groningen, Nijmegen, Stadskanaal, regio Zwolle, Provincie Gelderland, Provincie Noord-Brabant

Organisatie

Licht en Donker Advies i.s.m. Ecochain Technologies en brancheorganisatie OVLNL

Geschreven door: Beatrijs Oerlemans, Licht en Donker advies

Lees ook Circulariteit_en_circulair_inkopen_OVL

Een blik bij onze Oosterburen.

3 jaar geleden raakte ik betrokken bij een project van de BMU; Bundesministerium für Umwelt, Naturschutz und nukleare Sicherheit. Een project dat al enkele jaren liep en tot doel had de verlichtingsindustrie verder vooruit te helpen zodat een voorsprong op andere landen vooral buiten de EU behouden kon worden.

Als onderdeel van dit project is al iets langer geleden een waarderingssystematiek ontwikkeld om led wegverlichting te kunnen beoordelen. Deze systematiek werd ontwikkeld in samenwerking met overheden, industrie en onder andere universiteiten. Leuk om eens naar deze systematiek te kijken.

4 hoofdcategorieën

De beoordeling wordt gedaan op 4 hoofdcategorieën die vervolgens verder onderverdeeld worden. Als eerste wordt naar prijs gekeken met een wegingsfactor van 30%. Prijs heeft dus een grote impact aan de andere kant is het ongeveer 1/3 van de totale overweging. Dan is er nog een kostenfactor en dat is het verbruik. Dit telt ook weer voor 30% mee.

De derde categorie is productkwaliteit. Ook die telt voor 30% mee. Deze categorie is nog verder onderverdeeld daar volgt hieronder nog meer over. De laatste categorie is vormgeving. De vormgeving telt nog voor 10% mee.

Prijs

De prijs van het product wordt gewogen. De laagste prijs is dan de basis. De laagste prijs gedeeld door de prijs van de aanbieder x 30 levert het aantal punten op. De laagste prijs krijgt zo 30 punten. Alle hogere prijzen krijgen dan een lager aantal punten. Bijvoorbeeld de laagste aanbieder bied aan voor 300 euro en de concurrent voor 350 euro. De laagste prijs krijgt dan 30 punten en de concurreren (300/350) x 30 = 25 punten.

Verbruik

Voor het verbruik kunnen 2 verschillende uitgangspunten worden gekozen. Ofwel wordt het gehele project beoordeeld ofwel wordt gekeken naar het verbruik per km. Dat laatste gaat natuurlijk goed voor doorgaande wegen en snelwegen maar bijvoorbeeld woonwijken, parken etc is een methodiek waar naar het gehele verbruik wordt gekeken waarschijnlijk zinniger.

Productkwaliteit

In de categorie productkwaliteit heeft men gekozen voor 3 onderverdelingen die dan weer verder zij onderverdeeld.

Onderhoudsvriendelijkheid;
– Gereedschap loze opening (4)
– Centrale opening middels een enkele schroef (3)
– Meerdere schroeven (2)
– Eenwegschroeven (0)

Dan lichttechnisch;

Verlichtingssterkte
– > 3,3 Lux (4)
– 3 – 3,3 Lux (2)
– < 3 Lux (0)

Gelijkmatigheid
– UO > 0,37 (4)
– UO = 0,35 – 0,37 (2)
– UO < 0,35 (0)

Verblinding
– Ti < 13,5 % (4)
– Ti = 15 % – 13,5 % (2)
– Ti > 15 % (0)

Omgevingsverlichting
– SR > 0,75 (0)
– SR = 0,5 – 0,75 (4)
– SR < 0,5 (0)

Dan nog lichtsamenstelling

Lichtkleurtemperatuur
– < 3300 K (4)
– 3300 – 5300 K (2)
– >5300 K (0)

Kleurweergave
– Ra >= 80 (4)
– Ra 65 – <80 (4)
– Ra <65 (0)

Tussen haakjes staan de punten die toegekend worden. Alle punten opgeteld x 1,07 levert het punten totaal voor deze categorie op.

Vormgeving

De vormgeving wordt beoordeeld door een commissie ingesteld door de gemeenteraad. Deze commissie beoordeeld als volgt
– Goede acceptatie (10)
– Gemiddelde acceptatie (5)
– Slechte acceptatie (0)

Samenvattend

De kwaliteit van het product wordt maar gedeeltelijk bekeken maar wel de belangrijkste criteria worden beoordeeld namelijk het doel waarvoor het product wordt aangeschaft, het verlichten van de straat. Kijken we naar andere product kwaliteiten heeft men ook kriteria maar vaak minimale criteria waaraan gewoon moet worden voldaan. Overigens waar in Nederland toch vaak 100.000 levensduur voor de led module wordt in Duitsland vaak uitgegaan van kortere levensduren.

De systematiek is een voorgestelde systematiek om de lokale overheden een handvat te geven om tot een beoordeling over te kunnen gaan. De prijs moet voor minimaal 30% meegenomen worden maar kan ook een groter aandeel krijgen. De specifieke waarderingen kunnen ook nog bijgesteld worden.

Led verkeerslichten en scheepvaart seinen in de praktijk

Rijkswaterstaat heeft in 2000 al het initiatief genomen om al zijn scheepvaartseinen en daarna zijn verkeerslichten te vervangen voor ledseinen. In de praktijk is gebleken dat het ons en de weggebruikers veel voordelen oplevert, inmiddels zijn vrijwel alle seinen vervangen maar bij veel gemeenten zijn er nog steeds ouderwetse “gloeilamp” seinen en verkeerslichten in gebruik.

Hieronder onze ervaringen bij Rijkswaterstaat:

De verwachtingen van de ledlamp waren hoog, 90% energiebesparing, 90% besparing op onderhoud en een levensduur van meer dan 10 jaar! Maar de verwachtingen zijn in de praktijk ruimschoot gehaald. Het loont echt, het is dan ook vreemd dat na ruim 15 jaar er nog veel installaties, ook in gemeenten die zeggen groen te zijn die nog niet omgebouwd zijn.

De eerste ledseinen werden toegepast op scheepvaart installaties omdat die dubbel zijn uitgevoerd waren daar de risico’s kleiner en de besparing op onderhoud was daar ook groter, het was een mooie proeftuin voor de hele wereld. De ervaringen waren daar zo positief dat na 2 jaar werd besloten ze ook toe te gaan passen voor verkeerslichten. Het zijn in principe het dezelfde seinlampen, alleen is voor de scheepvaart een 2e lager dimstand noodzakelijk.

Zichtbaarheid en veiligheid

Ledseinen zijn veel beter zichtbaar omdat het licht monochroom, rood is echt hard rood, waardoor het meer opvalt. De lampen vallen ook meer op bij inschakelen doordat ze dat veel sneller doen, een gloeilamp heeft 0,2 seconden nodig om in te schakelen een ledlamp doet dat zeker 10 keer sneller, daarom worden ze ook in remlichten gebruikt. Het geeft het achteropkomende verkeer meer remweg. Door de introductie van led verkeerslichten vallen er in Nederland zeker 10 doden per jaar minder!

Energieverbruik

Natuurkundig gezien wekken led met een veel grotere efficiëntie licht op dan een gloeilamp, zie werking van een led op YouTube

In een ledsein worden bovendien leds gebruikt die direct de juiste kleur geven waardoor de verliezen in de gekleurde lens wegvallen, dit spaart zeker nog 80% extra energie. Leds zijn bovendien heel goed en efficiënt te dimmen waardoor in de nachtelijke uren nog veel meer energie wordt bespaard.

Onderhoud en levensduur

In het begin hadden we nog wel enige twijfels over de levensduur van de ledseinen daarom werd er een garantie van 100% voor 5 jaar geëist bij inkoop. Dat is goed bevallen, we hebben nauwelijks gebruik ervan hoeven maken en ook na 17 jaar voldoen ze nog steeds.

Verschil tussen scheepvaart- en verkeersseinen.

Scheepvaartseinen moeten altijd voldoen aan de eisen van de Led2-lamp in verkeerslichten mogen ook Klasse II lampen gebruikt worden. Het enige verschil is dat Led2-lampen beschikken over een 2e dimstand voor als een lager lichtniveau gewenst is in de nacht.

Let hierop want niet alle installateurs zijn hiermee bekend en dat leidt tot verblinding voor de scheepvaart.

In natuurgebieden waar s ‘avonds lagere lichtniveaus gewenst zijn voldoen de Led2-lampen ook goed in VRI’s (VerkeersRegel Installaties).

Nog meer veiligheid

Bij onverwachtse stroomuitval treed er direct gevaar op voor het naderende verkeer, zij zien geen roodlicht en houden snelheid! Met een zuinige led installatie hoeft dat niet meer voor te komen.

Ledlampen zijn zo zuinig dat een heel kruispunt nog uren kan functioneren op een noodaccu als onverwachts de stoom uitvalt, we nomen zo’n installatie een No-break VRI. Bij zo’n No-Break VRI blijven de lampen zonder dat je er iets van ziet gewoon branden en als het langer duurt schakelt de VRI om naar de dimstand en zal uiteindelijk na enkele uren via oranje knipperen uit te schakelen. Ook de elektrische veiligheid van een led installatie is veel hoger omdat gewerkt wordt met veilige spanningen van 42Vac, voor de dimstanden worden de lampen gevoed met 31 of 20 Vac.

Rijkswaterstaat gebruikt vrijwel overal No-Break VRI’s ze zijn bij nieuwbouw nauwelijks duurder en geven in geval van calamiteiten veel extra veiligheid. De Rijkspolitie zou bij haar goedkeuring van calamiteitenplannen hier meer op kunnen letten, ingeval van een stroomuitval wil je het verkeer toch kunnen regelen.

Innovatie bij Rijkswaterstaat

Rijkswaterstaat is de grootste gebruiker van scheepvaart seinen op haar waterwegen, waarschijnlijk wel de grootste in de wereld, dat schept verplichtingen als je weet wat er mogelijk is.

Daarom heeft Rijkswaterstaat de eisen en keuring van de Led2-lampen gefaciliteerd en door als Launching customer op te treden ook de ontwikkeling van heel sterke Led2 seinlampen voor grote vaarwegen gestimuleerd. We besparen hiermee zelfs 99% op energie bij het Calland kanaal.

Door: Willem Zandvliet, Rijkswaterstaat

Leverancier